5 conclusies die een speelonderzoekster trok in Londen
Omdat haar man voor zijn werk een half jaar naar Londen moest, besloot Talarowski mee te gaan. In plaats van haar tijd te verlummelen ging ze op onderzoek uit. Ze onderzocht de Londense speelplekken en het speelgedrag van zowel de kinderen als de ouders. Terug in Amerika vergeleek ze haar bevindingen met bekend onderzoeksmateriaal over speeltuinen in San Francisco, Los Angeles en New York, steden die qua grootte en bevolkingsdichtheid lijken op Londen. In het onderzoek focust Talarowski zich voornamelijk op speelplekken met unieke ontwerpen en diverse variëteit aan mogelijkheden.
Aantal kinderen en volwassenen is gelijk
Talarowski ontdekte dat de speelplaatsen in Londen populairder zijn dan vergelijkbare speeltuinen in de VS. De speeltuinen in de Engelse hoofdstad hebben gemiddeld 55 procent meer bezoekers, waarvan 14 procent meer volwassenen. Bovendien zijn kinderen en tieners 16 tot 18 procent actiever in de Londense speelplekken dan in de Amerikaanse.
Opvallend is ook dat de speelactiviteit zich op vier gebieden afspeelt: klimstructuren, zand, gras en schommels. Tieners zijn vooral gek op risicovolle elementen, zoals hoge boomhutten en snel ronddraaiende speeltoestellen, terwijl volwassenen voornamelijk in het gras lagen, op bankjes zaten of hun schommelende kinderen zetjes gaven. De meest opzienbarende bevindingen is dat het aantal kinderen (48 procent) en volwassenen (47 procent) in speelplaatsen vrijwel gelijk is. Dat betekent dat speelplekken bij uitstek ontmoetingsplekken zijn.
Geen grenzen
Een ander groot verschil tussen Londense en Amerikaanse speeltuinen is de grens tussen speelruimte en aangrenzende parken. In Londen zijn de mogelijkheden rondom de speeltuin eindeloos: grasvelden voor een picknick, veel zitplekken, toiletten en cafés in de buurt. “Allemaal geweldige ondersteuningsstructuren voor volwassenen”, schrijft Talarowski. De Amerikaanse speeltuinen daarentegen hebben weinig mogelijkheden voor volwassenen om te zitten, weinig tot geen planten of bomen en geen parken in de buurt. Ook het speelaanbod verschilt enorm: in Londen hebben veel speelplaatsen grote delen zand, avontuurlijke paden, bergen zand met glijbanen en grote piratenschepen. In de Amerikaanse steden zijn de spelontwerpen vrij homogeen: traditionele toestellen met een rubber vloer en een strenge omheining.
5 conclusies
Het Amerikaanse vergelijkingsmateriaal schept nieuwe inzichten. Londen blinkt op vrijwel ieder onderdeel uit. Talarowski ontwaart vijf punten waar iedere speeltuin aan zou moeten voldoen.
1. Ontwerp voor alle leeftijden
Creëer actieve en passieve ruimten. In een speeltuin moet gespeeld en uitgerust kunnen worden. Vervaag bovendien de lijnen tussen spelen en omliggende gebieden, zoals parkeerplaatsen en cafés.
2. Maak alles speelbaar
Niets is avontuurlijker dan rotsblokken, boomstammen en grote planten. Goedkoop maar zeer effectief, aldus Talarowski.
3. Durf buiten de geijkte paden te gaan
Alle speelvelden zouden de top vijf moeten hebben: gras, zand, klimmen, slingeren en glijden. Water en losse elementen zijn een ander pluspunt.
4. Speelplekken zijn om te spelen
Alles op een speelplaats moet speelbaar zijn. Dus ook parkeerplekken, wandelpaden en grote velden. Plezier gaat voor veiligheid en onderhoud.
5. Risico is goed
De beste speeltuinen zijn er een tikkeltje gevaarlijk uit, maar zijn volgens de bevindingen van Talarowski volledig veilig. Juist in een uitdagende speelplek worden kinderen uitgedaagd om hun vaardigheidsniveau, kracht en moed omhoog te krikken.

Bij het thema van dit artikel betrokken organisaties
Meer artikelen met dit thema
Ruimte voor de Jeugd bundelt essays over het recht op spelen
13 mei om 08:00 uurHoe zorgen we ervoor dat kinderen daadwerkelijk de ruimte krijgen om te spelen, op te groeien en zich gezond te…
Eindhoven zet jongerenwerk in tegen sportuitval
11 mei om 13:20 uurSteeds meer jongeren tussen de 12 en 18 jaar stoppen met sporten. School, bijbanen en een minder flexibele…
VitIndex helpt gemeenten hun sport- en beweegbeleid te versterken
1 mei om 11:42 uurGemeenten krijgen vanaf 1 september 2026 een nieuw hulpmiddel om hun sport- en beweegbeleid beter te…
Nieuwe leeromgeving zet bedrijventerreinen in beweging
24 apr om 13:54 uurNederlanders zitten gemiddeld 9,1 uur per dag. Een groot deel daarvan brengen we door op werkplekken die…
Digitale technologie in de beweegvriendelijke omgeving: kans of ruis?
22 apr om 10:28 uurDigitale technologie is inmiddels niet meer weg te denken uit de fysieke leefomgeving. Van interactieve…
Ruimte voor Bewegen #1 van 2026 verschenen!
21 apr om 16:00 uurDe nieuwste editie van Ruimte voor Bewegen is verschenen. In dit nummer staat de vraag centraal hoe de openbare…
Dien nu jouw sessievoorstel in voor MOVE24 2026
21 apr om 14:09 uurHeb jij een inspirerend idee voor de toekomst van een beweegvriendelijk Nederland? Voor MOVE24 2026 kun je nu…
In beweging met de Buurtsportcoach: Roxanne Dekker
21 apr om 10:41 uurElke maand geven we in onze rubriek In beweging met de Buurtsportcoach een podium aan de professionals die elke…

Reactie toevoegen