Hoeveel openbare ruimte is nodig voor sport en bewegen? Recent verscheen een rapport van Urhahn en Platform31 hierover, en NRC schreef over de ruimte voor sport die steeds schaarser wordt met grote wachtlijsten tot gevolg. Niet zonder reden: voldoende lichaamsbeweging verlaagt het risico op diverse chronische aandoeningen, zoals hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en bepaalde vormen van kanker. Toch beweegt meer dan de helft van de Nederlanders te weinig, en onder jongeren is dat aandeel zelfs nog lager. Een omgeving die uitnodigt tot bewegen, spelen en sporten, kan bijdragen aan een land waarin meer bewogen wordt. Maar: hoeveel ruimte is daar eigenlijk voor nodig? En hoe zit het met de bereisbaarheid van voorzieningen? Om professionals te ondersteunen, stelde het RIVM vuistregels op.
RIVM publiceert vuistregels voor inrichten van gezonde leefomgeving
Foto: RIVM
25 procent van de openbare buitenruimte primair voor bewegen
De hoofdvuistregel van het RIVM stelt dat in de gemiddelde buurt in Nederland 25 procent van de openbare buitenruimte primair bedoeld moet zijn om te bewegen, spelen en sporten-in-de-openbare ruimte. Hier worden fietspaden, voetpaden, formele openbare speel- en sportplekken en beweeggroen meegenomen. Formele sportaccommodaties zijn hier buiten beschouwing gelaten, omdat deze een functie op wijk- of kernniveau hebben. Uit data-analyses blijkt dat mensen die meer dan 25% beweegvriendelijke openbare ruimte in een straal van 1000 meter om hun huis hebben vaker voldoen aan de beweegrichtlijnen.
Op het eerste gezicht lijkt 25 procent een behoorlijk ambitieus percentage. Daarom testte RIVM, onder meer samen met de Beweegalliantie en op Move24, in workshops met gemeenten met maquettes of de vuistregels haalbaar zijn. Vaak bleek dat door de ruimte voor de auto te verkleinen en de fietser en voetganger prioriteit te geven, snel aan de vuistregels voldaan kon worden.
Ongeveer één op de zes woningen in Nederland staat in een buurt waar 25 procent van de openbare ruimte beweegvriendelijkis. Om te laten zien hoe zulke buurten eruitzien, heeft het RIVM twee voorbeeldbuurten nader onderzocht: één stedelijke en één niet-stedelijke buurt. Opvallend genoeg zijn deze buurten niet speciaal ontworpen met beweegvriendelijkheid als uitgangspunt; het behalen van de norm was eerder een toevallige uitkomst. Dit laat zien dat zulke buurten niet uitzonderlijk of onrealistisch zijn, en binnen bereik liggen. Daarvoor moeten wel bewuste keuzes worden gemaakt in de inrichting van de openbare ruimte.
Afstandsvuistregels: bewegen dichtbij
Naast de hoeveelheid ruimte, zijn afstanden tot voorzieningen cruciaal om bewegen te stimuleren. Kunnen bewegen, spelen en sporten vlakbij, op loop- of fietsafstand, kunnen bijdragen aan meer actieve verplaatsingen. De vuistregels van RIVM geven daarom de volgende maximale loop- of fietsafstandenvanaf de woning:
- 200 meter tot een speelplek voor kinderen t/m 12 jaar
- 400 meter tot een beweeg- of sportplek voor 12 jaar en ouder
- 300 meter tot aaneengesloten beweeggroen (minimaal 1 hectare)
- 800 meter tot basisvoorzieningen (supermarkt, huisarts, basisschool, OV-halte)
- 1.500 meter tot minimaal drie typen formele sportaccommodaties
Deze afstanden zijn gebaseerd op wetenschappelijke inzichten en praktijkervaringen, en sluiten aan bij de reisbereidheid van verschillende doelgroepen.
Beweegvriendelijk is meer dan oppervlaktes en afstanden
Het RIVM benadrukt dat een beweegvriendelijke omgeving méér is dan een paar speelplekken of een fietspad. Het is een samenhangend geheel waarin de openbare buitenruimte zodanig is ingericht dat mensen worden gestimuleerd tot bewegen: van actieve mobiliteit naar werk of school, tot recreatief wandelen in het park en sportieve activiteiten op het plein. De fysieke inrichting – zoals stoepen, fietspaden, speelplekken en beweeggroen – vormt de basis.
Daarnaast is de kwaliteit van de omgeving van groot belang; welk type speelplek is er, hoe is het onderhoud van het groen en zijn er vanuit het park goede zichtlijnen?. De vuistregels van het RIVM gaan daar niet over. Wel biedt het Kenniscentrum Sport & Bewegen verschillende bouwstenen om tot een kwalitatieve beweegvriendelijke omgeving te komen.
Context maakt het verschil
Elke buurt is anders. De bevolkingsdichtheid en de relatieve omvang van de openbare buitenruimte bepalen samen de gebruiksdruk. In dichtbebouwde stedelijke gebieden met weinig openbare ruimte is het extra belangrijk om het percentage beweegvriendelijke buitenruimte te laten meegroeien met het aantal bewoners. In wijken met veel jonge gezinnen is meer behoefte aan speelplekken, terwijl een oudere populatie wellicht meer waarde hecht aan beweeggroen. Daarom zijn de vuistregels richtinggevend: ze bieden houvast, maar vragen altijd om maatwerk.
De vuistregels voor bewegen staan op gezondeleefomgeving.nl. Daar staan ook vuistregels voor (gezond)groen en handvatten voor het stimuleren van positieve ontmoetingen in de openbare ruimte. Daarnaast zal begin 2026 op deze pagina een afweegtool voor ingrepen in de beweegvriendelijke omgeving gepubliceerd worden. Deze zijn samen ontwikkeld en kunnen elkaar versterken.
Praktische vertaling voor gemeenten en ontwerpers
Voor de vertaling naar de praktijk heeft Kenniscentrum Sport & Bewegen de vuistregels gekoppeld aan de BVO-bouwstenen en ontwerpprincipes, met als resultaat een inrichtingskader beweegvriendelijke omgeving. Dit kunnen gemeenten en ontwerpers als kapstok gebruiken voor beleid en ontwerp van een beweegvriendelijke omgeving.
Lees het artikel van het Kenniscentrum Sport en Bewegen hierover.
Bij het thema van dit artikel betrokken organisaties
Meer artikelen met dit thema
Kabinet trekt extra geld uit voor sportaccommodaties en beweegaanbod
28 okt om 15:42 uurHet kabinet trekt in 2027 78 miljoen euro uit voor de Regeling Bouw en Onderhoud Sportaccommodaties (BOSA) en…
Terugblik MOVE24: op zoek naar het oerinstinct van buiten bewegen
27 okt om 08:13 uur“De hele dag buiten in stamvorm, want dat is wie we zijn.” Met die wens opende dagvoorzitter Jacqueline Kerkhof…
Magic Trailz brengt kinderen met augmented reality naar buiten
13 okt om 10:42 uurSteeds meer kinderen brengen hun vrije tijd binnen door, achter een scherm. Voor Lars van Raaij en zijn…
W&H brengt generaties samen in beweging met SamenFit
13 okt om 10:35 uurWaarom zou alleen het kind spelen? Met SamenFit introduceert W&H een beweegconcept waarbij kinderen,…
Spark – geeft spelen extra energie
13 okt om 10:19 uurEen speelplek kan vol mogelijkheden zitten, maar echte waarde ontstaat pas wanneer kinderen worden verleid om…
Moby Playground: de interactieve speelkoepel die mensen samenbrengt
13 okt om 08:39 uurEen interactief speelveld van acht meter doorsnede, met in het hart een slimme speelkoepel die kinderen met…
Outdoor fitness wordt slim: waarom gemeenten niet zonder SMART-data kunnen
9 okt om 13:15 uurEen outdoor fitnesslocatie realiseren is één ding. Weten wat er vervolgens daadwerkelijk gebeurt, is minstens…
Drempelvrije speeltuinen met inclusieve trampoline-oprijwiggen
9 okt om 13:06 uurLeverancier Goede Speelprojecten tilt inclusiviteit op de speelplaats naar een hoger niveau. Met de introductie…
