Meer buitenspelende kinderen, maar speelruimte blijft ongelijk verdeeld

maandag 9 maart 2026

Kinderen spelen weer iets vaker buiten dan een paar jaar geleden. Tegelijkertijd verschilt dat sterk per woonomgeving en blijkt het ontbreken van speelplekken en speelkameraadjes een belangrijke drempel. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van Jantje Beton en branchevereniging Spelen & Bewegen.

Gemiddeld spelen kinderen van zes tot en met twaalf jaar momenteel 7,6 uur per week buiten. Twee jaar geleden lag dat nog op 7,2 uur per week, maar het niveau van 2022 - toen kinderen gemiddeld 9,9 uur buiten speelden - is nog niet bereikt.

Voor het onderzoek vulden 1136 kinderen en hun ouders of verzorgers een online vragenlijst in. Meer dan de helft van de kinderen zegt vaker buiten te willen spelen dan ze nu doen. Opvallend is dat elektronische apparaten niet langer de belangrijkste reden zijn om binnen te blijven. Volgens 42 procent van de kinderen is het grootste obstakel juist het ontbreken van speelkameraadjes in de buurt. Daardoor ontstaat een vicieuze cirkel: als er weinig kinderen buiten zijn, haken anderen ook sneller af. Andere genoemde redenen om binnen te blijven zijn digitale speelmogelijkheden (34 procent), leuker speelgoed binnen (33 procent) en een gebrek aan dingen om buiten te doen (22 procent).

Grote verschillen tussen stad en platteland

De woonomgeving blijkt een belangrijke factor. Kinderen in plattelandsgemeenten spelen gemiddeld bijna twee uur per week langer buiten dan kinderen in grote steden. In gemeenten als Hollands Kroon en De Fryske Marren ligt het gemiddelde op 8,7 uur per week, terwijl kinderen in steden als Amsterdam, Eindhoven en Rotterdam gemiddeld 6,9 uur buiten spelen. Ook waarderen kinderen buitenspelen verschillend:

niet-stedelijke gebieden: rapportcijfer 8,4

zeer stedelijke gebieden: rapportcijfer 7,8

Daarnaast geeft ruim een derde van de respondenten aan dat er geen speelplek binnen 200 meter van hun woning ligt. Kinderen zonder speelplek in de buurt spelen aantoonbaar minder vaak buiten. Volgens Jantje Beton kan daardoor een nieuwe vorm van ongelijkheid ontstaan: speelongelijkheid.

Bron: Architectenweb

Meer artikelen met dit thema

flash_onNieuws

Ruimte voor Bewegen #1 van 2026 verschenen!

21 apr om 16:00 uur

De nieuwste editie van Ruimte voor Bewegen is verschenen. In dit nummer staat de vraag centraal hoe de openbare…

Lees verder »
flash_onNieuws

Zonder visie blijft bewegen op school versnipperd

17 apr om 11:15 uur

Basisscholen besteden steeds vaker aandacht aan bewegen tijdens de schooldag, maar dat gebeurt lang niet altijd…

Lees verder »
descriptionArtikel

Veilige schoolomgevingen als motor voor bewegen en zelfstandigheid

9 apr om 11:35 uur

Kinderen die lopend of fietsend naar school gaan bewegen meer, ontwikkelen verkeersvaardigheden en worden…

Lees verder »
flash_onNieuws

Sportaccommodaties als motor voor een beweegvriendelijke omgeving

30 mrt om 13:48 uur

Wie werkt aan een beweegvriendelijke leefomgeving, denkt vaak aan parken,…

Lees verder »
flash_onNieuws

Hoe maak je van Wageningen een speelse stad?

25 mrt om 10:52 uur

Met het oog op de gemeenteraadsverkiezingen stelde Ruimte voor de Jeugd een manifest op, waarmee gemeenten…

Lees verder »
descriptionArtikel

Masterclass ‘Let’s Play’: de kracht van loose parts

25 mrt om 08:25 uur

Spelen is veel meer dan een vrijetijdsbesteding voor kinderen. Het is een essentieel onderdeel van een gezonde…

Lees verder »
flash_onNieuws

Speelvriendelijke buitenruimte staat centraal op BOSSdag op 26 maart

6 mrt om 11:49 uur

Met onder andere een keynote van auteur Vincent Luyendijk en de lancering van het visiedocument Ideale…

Lees verder »
descriptionArtikel

Postcode en omgeving van invloed op speelgedrag

27 feb om 09:59 uur

Hoe ziet de speelverdeling in Nederland eruit, en wat betekent dat voor de kansen van kinderen om in de…

Lees verder »