Noord-Holland wil beweegvriendelijke leefomgeving vaste plek geven in ruimtelijke plannen

vrijdag 30 oktober 2026

De provincie Noord-Holland wil sport en bewegen een vaste plek geven in ruimtelijke plannen. Dat staat in het Actieprogramma Sport Noord-Holland 2027-2031, dat de provincie op 29 oktober bekendmaakte. Een beweegvriendelijke leefomgeving is een van de vijf doelen in het programma.

Het actieprogramma geeft uitvoering aan het sportbeleid ‘Sportief Noord-Holland’, dat begin 2026 werd vastgesteld. De provincie gaat ervan uit dat de inrichting, bereikbaarheid en kwaliteit van de leefomgeving sterk bepalen of inwoners genoeg mogelijkheden hebben om te sporten en te bewegen. Sportvoorzieningen, wandel- en fietsroutes, groen, recreatiegebieden en de openbare ruimte ziet zij daarbij als één samenhangend netwerk.

Sportblik in ruimtelijke processen

Het kader is de Omgevingsvisie NH2050. Daarin is omgevingskwaliteit een provinciaal belang en een afwegingsprincipe bij ruimtelijke ontwikkelingen. Binnen die afweging wil de provincie het belang van een beweegvriendelijke leefomgeving voortaan meewegen. Bij woningbouw, stedelijke verdichting en herinrichting van de openbare ruimte moet vanaf het begin rekening worden gehouden met ruimte voor sport, bewegen en recreatie.

De provincie wil daarnaast functies combineren om de beschikbare ruimte beter te benutten. Wandel-, fiets- en vaarroutes kunnen volgens het programma tegelijk een sportieve, recreatieve, toeristische en mobiliteitsfunctie hebben.

Concrete acties

Voor de beweegvriendelijke leefomgeving staan zes acties in het actieprogramma staan zes acties in het programma:

  • sport en bewegen structureel inbrengen in relevante provinciale ruimtelijke processen;
  • in ten minste drie regio’s in 2028 het bovenlokale sportvoorzieningenniveau in beeld brengen, met aandacht voor spreiding, capaciteit, bereikbaarheid, verduurzaming en koppeling met gebiedsontwikkeling;
  • sportvoorzieningen en beweegruimte vroegtijdig betrekken bij gebiedsontwikkelingen met stedelijke verdichting;
  • sportlocaties verbinden met fiets- en wandelnetwerken en OV-knooppunten;
  • in 2027 een overzicht maken van landelijke en gemeentelijke regelingen voor verduurzaming van sportaccommodaties, dat jaarlijks wordt bijgewerkt;
  • goede voorbeelden en ontwerpprincipes voor een beweegvriendelijke openbare ruimte delen en toepassen waar de provincie invloed heeft.

Verschillen per regio

De provincie werkt vraaggericht per regio. In stedelijke regio’s kan de nadruk liggen op ruimte, voorzieningen en inclusie, in landelijke regio’s eerder op bereikbaarheid, vrijwilligers en regionale voorzieningen. Regionale sportagenda’s, waarvan er in 2028 ten minste drie moeten zijn, moeten onder meer de koppeling met ruimtelijke ontwikkeling, mobiliteit en recreatie in beeld brengen.

De provincie kiest nadrukkelijk voor een verbindende en agenderende rol. Gemeenten blijven verantwoordelijk voor lokaal sportbeleid en lokale voorzieningen. De provincie neemt geen exploitatie van sportaccommodaties over.

Het actieprogramma heeft een budget van € 622.500 per jaar. Voor de beweegvriendelijke leefomgeving is in de begroting van het Actieprogramma Sport geen aparte pos. De andere doelen van het programma gaan over regionale samenwerking, veilig en inclusief sporten, talentontwikkeling en sportevenementen met maatschappelijke waarde.

Bron: noord-holland.nl